donderdag 21 maart 2013

Het kerkje van Wahlwiller (2): uniek en geriefelijk

In afwachting van de rondleiding in het prachtige kerkje van Wahlwiller koesterde de delegatie van Rotaryclub Heerlen zich in een comfortabele temperatuur. Het kerkje heeft vloerverwarming! De meeste delegatieleden hebben dat thuis niet eens. Dus dat is geriefelijk kerkbezoek. Te danken aan Aad de Haas, die het 's winters in zijn bouwvallige kasteel, waar hij gratis met zijn kinderrijke gezin woonde, behoorlijk koud had (Foto: J. von Grumbkow; klik om te vergroten). 
De kerkbanken zijn hard maar eronder zit verwarming. Je hoeft geen kussentje mee te nemen, want je kijkt je ogen uit. Misschien door die 'doezelende' stijl van Aad de Haas verval je niet in gedoezel (Foto: J. von Grumbkow; klik om te vergroten).
Het kerkje van Wahlwiller gaat terug tot de 11e of 12e eeuw. Mogelijk heeft er al veel eerder een gebedshuis gestaan dat gewijd was aan bisschop Cunibertus van Keulen (590-633). De kerk heet de Cunibertus Kerk. Er zijn voor de kenners nog resten zichtbaar uit de 12e eeuw. In de loop van de jaren doorstond het kerkje veel renovaties. Eind jaren zeventig van de vorige eeuw was het werk van Aad de Haas door het vocht zo aangetast dat zijn werk verloren dreigde te gaan. Er kwam vloerverwarming en in de zijkapellen werden de banken verwarmd.
Het schitterende plafond met de door de rondleider Ruud Direcks gekenschetste 'doezelende' stijl van Aad de Haas (Foto: J. von Grumbkow; klik om te vergroten).
Het altaar in de bijzondere kleuren van Aad de Haas: donker paarse en blauwe tinten. Jezus sterkft aan het kruis. Opvallend is dat de dwarsbalk ongelijk is en in een V-vorm schuin naar boven staat. Nu valt het nauwelijks op, maar toentertijd was dat afwijkend en revolutionair. In de boog eromheen rouwen vier engelen die op een hoekige wijze zijn geschilderd. De kleuren zijn door Aad de Haas donker gehouden om die merkwaardige transformatie aan te geven van brood en wijn in respectievelijk het lichaam en het bloed van Jezus. Maria, Jezus' moeder die van hem beviel zonder dat ooit een bevruchting door haar man Jozef heeft plaatsgevonden, draagt een bescheiden hoedje zoals de vrouwen droegen toen ze in de periode van de jonge jaren van Aad de Haas naar de kerk gingen. (Foto: J. von Grumbkow; klik om te vergroten).
In 1946 begint Aad de Haas met het beschilderen van het kerkje. Vanuit allerlei hoeken komt hij onder vuur te staan. Het schijnt dat de pastoor voordurend weifelde. Die probeerde in al zijn goedheid Aad de Haas bij te sturen want vaak waren de taferelen hem te wild, te wazig of dan weer te groen. 
Paars, geel, groen. Wie heeft ooit zo'n kerk gezien? (Foto: J. von Grumbkow; klik om te vergroten.)
De kerk werd vanaf 1946 een toeristische attractie. Dat is de kerk nog steeds. In die eerste jaren stond 'voor de kerk een compleet wagenpark van de luxecars der vele bezoekers. In de ogen van veel bezoekers waren het allemaal apetronies, apekoppen en cyclopen. Het was steeds hetzelfde liedje. Wekelijks zaten tientallen mensen op het grasperkje nabij het kerkje met hun boterham om na te lachen over de gekkigheid' (ontleend aan De Groene). 
De ruiters zijn vier symbolen, maar ik ben vergeten wat rondleider Ruud Direcks erover zei. Rechts zou de koning zijn, vervolgens de soldaat, maar dan... (Foto: J. von Grumbkow; klik om te vergroten).
De fellowshipcommissie, die de rondleidingen door Wahlwiller en Banholt heeft georganiseerd en heeft moeten wachten tot Vastentijd, in conclaaf (Foto: J. von Grumbkow; klik om te vergroten).

Geen opmerkingen:

Een reactie posten