Schwarzenegger als American Dream met opgezwollen forelspierballen tijdens Cultura Nova’s Terminator Trilogie in Megaland Landgraaf op 31-8-2012 (foto: J. von Grumbkow). Klikken om te vergroten.
Terwijl in Simmerath op 31 augustus 2012 een aantal Rotarians onder leiding van coach Brombacher de worstelwedstrijd met de Schwarzenegger-forel aangingen, zaten wij in onze regenponcho’s naar het billboard met Schwarzenegger zelf te kijken. De poncho’s kochten we voor € 7,95 bij Xenos. Een avond eerder zaten we wijs geworden door de regen van de Huisgoden op het parkeerterrein van de Kerkraadse Salvia afbraakflat. Nu stond op de grote open vlakte van de openluchtbioscoop van Megaland een enorme collectie gedekte tafels, stoelen, fauteuils, een trampoline, een biljarttafel, wc-pot, parkeermeter, toilettafel, benzinepomp. Veel meubilair uit de jaren zestig. Verspreid over deze immense ruimte bevinden zich veertig figuranten in ouderwetse avondkledij. Beschaafd verpozen zij zich. Sommige dwalen over de vlakte. Het lijken Rotarians, maar die zitten vanavond elders en, net als wij, in de grote Vanishing Act. Na een tijd komen de figuranten als zombies naar voren. Ze stellen zich op voor het publiek met uitdrukkingsloze blikken. Ze buigen, lopen langzaam de lege ruimte in en verdwijnen in de verte. In dit overweldigende beeld blijft de regen neerdalen op onze krakende ponchos.
De wereld volgens The American Dream: een lege ruimte met vrijheid en maakbaarheid maar droom en vrijheid verdrinken in regen en plassen water (foto: J. von Grumbkow). Klik op foto om te vergroten.
Als iedereen verdwenen is, beginnen de objecten te bewegen. Ze zijn verbonden met kettingen aan elektrische lieren. Tergend langzaam onder het ratelende geluid van de kettingen, versterkt door diepe geluiden uit de luidsprekers, verdwijnen een voor een de objecten aan de einder. Het leven: de ultieme verdwijntruc. In de verloren ruimte blijft een frêle man over. Hij gaat in de woordeloze voorstelling de wereld ontdekken. Hij is alleen. De objecten en figuranten zijn verdwenen. Hij zwoegt. Het leven is maakbaar: alles is mogelijk, maar wie vrijheid heeft, weet niet wat te doen. Wat hij doet, mislukt. Zijn werk, zijn zelfmoord, zijn seks met een mooie vrouw die een mooie man blijkt te zijn. Vier glimlachende heren in zwarte avondkledij helpen hem bij deze vruchteloze copulatie en vertrekken glimlachend. Er verschijnt een kleine jongen die hemzelf als de jonge Schwarzenegger verbeeldt. De jongen poseert en neemt foto’s van zichzelf. Hij laat zijn spierballen opzwellen zo dik als de forellen in Simmerath. Na de confrontatie met zijn vrijheid, zijn jeugd en zijn illusie van maakbaarheid, maltraiteert hij de jongen, de American Dream. Wanhopig rent hij tegen het billboard op. Dat billboard was al neergeklapt nadat alle objecten en figuranten uit zijn leven waren verdwenen. Hij blijft voor dood liggen. In de verte komen langzaam de lichten van een auto op. Het lijkt of een auto per ongeluk het terrein oprijdt en de verkeerde afslag bij de Hofstraat had genomen. Het is een donkere stretched limousine, die op een enorme begrafeniswagen lijkt.
Lou Reeds prachtige 'It must be nice to disappear, to have a vanishing act' klinkt steeds luider uit de boxen. De limo komt langzaam naar voren. Hij stopt bij het billboard waar de frêle man ligt. Een regen van sneeuw daalt neer over de man en de limo. De limo draait rustig vlak voor het publiek langs en sleept de dode frêle man achter zich aan in een mist van sneeuw: it must be nice to disappear. Het klassieke einde van het lied klinkt ontzagwekkend. De regen is opgehouden. Het weer is opgeklaard. Zo, daar kunnen we het weer even mee doen.
It must be nice to disappear
to have a vanishing act
to always be looking forward
and never looking back
How nice it is to disappear
float into a mist
vrijdag 31 augustus 2012
Huisgoden van de Krimp
De "Witte Flats" van Bisscheroux uit 1975, waar in 1976 de bewoners al spijt van hadden, die nu rijp zijn voor de sloop en als achtergrond dienden voor de Huisgoden van Cultura Nova. Je ziet de flats al wegzakken (Bron: Ryckheyt).
Heilust in Kerkrade-West krimpt. De Witte Flats in Heilust van de Heerlense architect Laurens Bisscheroux, gebouwd in 1975, gaan tegen de grond. Een jaar later, in 1976 stond in de pers: "De mensen wonen er liever niet. Er is een groot verloop, elke vier jaar wisselt de totale bevolking in flatgebouwen. Op die manier krijg je nooit een gemeenschapsleven in zo’n buurt. De zorg voor de omgeving is er niet of nauwelijks. Het verenigingsleven komt niet van de grond. De mensen hebben geen binding. En dan spelen er voortdurend kwesties over honden, die overlast bezorgen. En over de was die op zondag op het balkon hangt." Geschreven in 1976. Krimp en teruggang kondigen zich aan. Exemplarisch voor de demografische, sociale en economische teloorgang van een nu desolaat ogend deel van Parkstad waar gisteravond (30-8-2012) de groep van toneelschrijver Peer Wittenbols zijn Huisgoden opvoerde. Op de locatie van de dichtgetimmerde Salviaflat waar de bewoners van de Gladiolenstraat tegenaan kijken. De cast speelt met populistische dialogen bewoners die afscheid nemen van de flat te midden van kringloopmeubilair: een homofiele kapper, een illegaal (mikpunt van de bewoners), een demente moeder met haar inwonende zoon die van een zangcarriere droomt (met lullig maar grappig gezongen Wouldn't it be nice van de Beach Boys), een zwanger meisje met haar werkloze ADHD-vriend, een halffailliete rijschoolhoudster verlaten door haar Ghanese vriend. Hoe bedenk je het. Allemaal weinig verrassende typetjes, stereotypisch gericht op zichzelf en tot het einde egoïstisch. De locatie is schitterend gekozen met een goede cast maar de personages zijn karikaturen. Het is een dun verhaaltje met clichématige volkse dialogen, risicoloze humor van de straat ontleend aan de rondborstige reality tv. Het zijn de laatste achterblijvers. Ze gaan naar nieuwe woningen. De verhuizing gaat niet door. Wittenbols is geen Ibsen. De beelden, overgangen en actiescènes zijn statisch, de opzet wat knullig en weinig verrassend.
Krimp in Parkstad: op de achtergrond de dichtgetimmerde Salvia Flat, op de voorgrond het publiek in uitgereikte regenponchos, in het midden de spelers als bewoners en hun kringloopmeubels (Foto: J. von Grumbkow). Klik op foto om te vergroten.
Om het troostelozer te maken, daalt de temperatuur. De wind steekt op. Het gaat regenen. Er worden ponchos uitgereikt. Maar daardoor betovert de slooplokatie want je raakt gevangen in de ambities en prestigeprojecten van de woningbouwvereniging Spekholzerheide (voorganger Hestia) en van Limburgse politici, bestuurders en managers van nog niet eens zo lang geleden. Een kleine lokale tragedie met een lange geschiedenis, zoals er in Parkstad meerdere zijn, misschien meerdere komen want management en bestuur blijven van alle tijden, maar gisteravond op een bijzondere wijze verbeeld door Cultura Nova.