vrijdag 14 september 2012

Vrouwen in de wetenschap
Prof Karen van Dam even voor haar oratie in Heerlen op vrijdag 14 september 2012  (Foto: J. von Grumbkow)
Vanmiddag (vrijdag 14 sept 2012) zat ik in Heerlen in toga bij de oratie van prof Karen van Dam, hoogleraar Psychologie van Arbeid, Organisatie en Personeel. Ze was eerder modern en klassiek danseres bij onder meer het Scapino Ballet. Haar oratie had als titel "In Beweging". In 1989 studeerde zij cum laude af als sociaal psycholoog aan de Universiteit van Amsterdam. Voor haar promotieonderzoek "Dansende beren" kreeg ze de NITPG-Award. In die titel zit ook iets van "beweging". Uit dat onderzoek blijkt dat een sollicitant niet moet investeren in nieuwe kleren, dat vriendelijk overkomen geen rol speelt, dat "baantjeszoekers die denken dat ze de beoordelaars met een mooi uiterlijk of vlotte babbel om de vinger kunnen winden",  bedrogen uitkomen. Stabiliteit, zorgvuldigheid, open staan voor nieuwe ervaringen scoren hoog. Selecteurs geven (te) veel gewicht aan negatieve informatie die in een later stadium van de procedure boven tafel komt. Karen van Dam was consultant bij Twijnstra Gudde en werkte aan de Universiteit van Tilburg. Ze is hoofdredacteur van het wetenschappelijke tijdschrift Gedrag & Organisatie. 
Prof. dr. Lilian Lechner
Karen van Dam is een van mijn opvolgsters. Een ander deeltje van mijn leerstoel (rond arbeid en gezondheid) belandde eerder bij prof Lilian Lechner, die hoogleraar Gezondheidspsychologie is en Decaan van de Graduate School. Beiden zijn lid van het Landelijk netwerk Vrouwelijke hoogleraren (klik LNVH), een netwerk van circa 800 vrouwelijke hoogleraren en UHD's uit alle Nederlandse universiteiten. Het aantal vrouwelijke hoogleraren is, zoals bekend, vrij gering. 
Prof. dr. Mijntje Lückenrath  (Ontleend aan: http://www.mluckerath.nl/) 
Dat geldt ook voor de vertegenwoordiging van vrouwen in de top van bedrijven. Prof Mijntje Lückerath is hoogleraar Corporate Governance aan de Universiteit van Nyenrode en maakt jaarlijks de Nederlandse Female Board Index. De meerderheid van de 97 beursgenoteerde ondernemingen heeft geen vrouw in de Raad van Bestuur of Raad van Commissarissen. Hier (klik) is haar Female Board Index 2011 te downloaden (binnenkort ook 2012).
Karen van Dam legde vanmiddag een relatie met de evolutionaire biologie. Aanpassingsvermogen, initiatief nemen en persoonlijk ondernemerschap van de medewerkers is bepalend voor het succes bij organisatieveranderingen. Je moet positief en proactief zijn. Managersonline (klik) schreef (zonder de tekst te hebben gelezen): "Mooi verhaal, maar erg theoretisch. Natuurlijk moet er recht gedaan worden aan zowel het organisatie- als werknemersbelang. Maar weerstand vertonen is vaak effectiever om echt in gesprek te komen met het management." Dus misschien ook voor de positie van vrouwen in de top.
Dr. Wendy Hanssen (Ontleend aan: http://maastricht.dichtbij.nl)
In juni 2012 zag ik een puur vrouwelijk corona voorbij trekken bij de promotie van Wendy Hanssen (UM). De promotiecommissie bestond uit zeven vrouwelijke hoogleraren en docenten. Daar kwamen de volgende vrouwen bij: de prorector (voorzitter), de twee paranymfen, de promotor, de co-promotor en de pedel. Dat was een statement voor aandacht voor de ondervertegenwoordiging van vrouwen in de hoogste wetenschappelijke kringen. De hoogleraar die dit organiseerde is niet voor quota want je moet de besten selecteren, maar "de beren dansen niet" want de selectieprocedures lopen niet goed. Zo'n 15 procent van de Nederlandse hoogleraren is van het vrouwelijke geslacht. In 2011 was onder de Rotarians (klik) wereldwijd ongeveer 17 procent vrouw. In Nederland (klik) was het in 2011 19 procent. Van de medische studenten is in Maastricht 70 procent vrouw. Bij psychologie is de meerderheid vrouw. Op de universiteiten doen vrouwen het grosso modo beter maar hun positie blijft daarbij achter. Op welke punten is een netwerk van professionals (vrijwillige associatie), die ook persoonlijke relaties onderhouden, zoals Rotary, te vergelijken met een zakelijke onderneming (privaat gefinancierd) of een competitief wetenschapsbedrijf (grotendeels publiek gefinancierd) en welke consequenties zou je kunnen trekken uit zo'n vergelijking?

Geen opmerkingen:

Een reactie posten